Govardhana – Kartik ochtenden

Govardhana/Kartik Ochtenden – India – 2009

Tridandisvami Sri Srimad Bhaktivedanta Narayana Maharaja

[Beste Harikatha Lezers,
Onze eerbetuigingen aan jullie allemaal. Alle glories aan Sri Guru en Gauranga.

De maandlange kartika parikrama is nu voorbij, en dit is ons laatste Kartika verslag. Op de laatste dag van Kartika moesten veel pelgrims huilen, zich verheugend op het volgende jaar en meer associatie met Srila Narayana Gosvami Maharaja, hun spirituele gids.

Gedurende de eerste helft van Kartika, gaf Srila Maharaja iedere avond lezingen bij Gopinatha Bhavan in Vrndavana, en vroeg anderen ook om te spreken. Hij besprak het leven en de leer van de Redder van dit Tijdperk van Onenigheid en hypocrisie, Sri Caitanya Mahaprabhu, met verwijzing naar Sri Caitanya-caritamrta. Hij besprak ook de goddelijke spel en vermaakplekken van de Heer die gedurende de dag bezocht werden door de toegewijden. ’s Ochtends sprak hij over de overvloedig aanwezig zijnde filosofie en zoetheid van het spel en vermaak van Moeder Yasoda die Krsna vastbindt – Sri Damodara-lila.

Gedurende de tweede helft van Kartika vervolgde Srila Maharaja zijn lezingen over Sri Caitanya Mahaprabhu’s leven en leer, culminerend in de diepgaande gesprekken van de Heer met Zijn eeuwige metgezel, Sri Ramananda Raya. In de ochtenden, alle oprechte zielen verbazend met de diepgang van zijn genade, besprak hij het spel en vermaak en de filosofie van het Elfde Canto van Srimad-Bhagavatam, en dan vooral betreffende Sri Krsna’s onderricht aan Zijn meest intieme metgezel Uddhava-ji, en ook Sri Krsna’s goddelijke verdwijning uit deze wereld.

In plaats van dat we jullie een tijdje laten wachten totdat we de vertalingen van deze totaal  verlevendigende Hindi lezingen over het Elfde Canto getranscribeerd en bewerkt hebben, sturen we jullie praktisch dezelfde lezingen die een paar jaar geleden (2006) in het Engels zijn gesproken in Badger, Californië. De eerste van die lezingen werd gesproken op 13 juni.

Beste lezers, als jullie de rest van de lezingen over het Elfde Canto, die Srila Maharaja gaf in Badger die juni, willen lezen, kunnen jullie die vinden op www.purebhakti.com. En als jullie ze direct van de lotuslippen van Srila Maharaja willen horen, kunnen jullie de audiobestanden vinden op www.purebhakti.tv.]

“Ik ben blij dat jullie hier zijn samengekomen om hari-katha te horen. Houd al deze hari-katha voor eeuwig in jullie harten.

“Deze samadhi-grantha, Srimad-Bhagavatam, werd geopenbaard door Srila Vyasadeva. [Grantha betekent geschrift. Srimad-Bhagavatam wordt samadhi-grantha genoemd omdat Srila Vyasadeva alles realiseerde door zijn diepe meditatie (samadhi) op Sri Krsna, waarna hij datzelfde opschreef in boekvorm]

“Als iemand Srimad-Bhagavatam hoort met sterk geloof en grote eer, zal Sri Krsna tevreden met hem zijn en hem bhakti geven. Die toegewijde zal geen verdriet, illusie of angst voor iets ervaren. Hij zal voorgoed de kringloop van geboorte en dood oversteken. Daarom is Srila Vyasadeva zo vriendelijk geweest om het Srimad-Bhagavatam te manifesteren.

“…In het 10de Canto staan er drie soorten spel en vermaak van Sri Krsna – balya-lila (baby- spel en vermaak), kaumara-lila (kinder-spel en vermaak) en kishora-lila (spel en vermaak tijdens de jeugd). In balya-lila verlostte Krsna de demonen Putana, Trnavarta, Sakatasura en anderen. Dit is erg interessante hari-katha. Daarna was Moeder Yasoda, hoewel Sri Krsna de Allerhoogste Heer is, erg machtig, vol van zes volheden, onbegrensd en alomtegenwoordig, niettemin in staat om Hem vast te binden door haar liefde en genegenheid en strafte Hem. Ze liet die Allerhoogste Heer huilen en huilen. Dit is erg wonderbaarlijk.

“Daarna verhuisden Sri Krsna en Zijn familie naar Vrndavana, waar Hij de demonen Dhenukasura, Vatsasura, Aghasura, Bakasura, Sankacuda, Kesi, Vyomasura en zovelen anderen bevrijdde. Waarom?

yada yada hi dharmasya
glanir bhavati bharata
abhyutthanam adharmasya
tadatmanam srjamy aham

[“Wanneer en waar er ook maar een afname in religieuze beoefening plaatsvindt, O telg van Bharata, en een overheersende stijging van goddeloosheid – op dat moment daal Ik Zelf neer. (Bhagavad-gita 4.7)]

“Krsna kwam om religieuze principes in te stellen en om de demonen te bevrijden. Deze demonen waren een last voor de Aarde, en Hij verwijderde die last. Hij ging naar Mathura, en daar versloeg Hij Kamsa, Carana, Mustika en alle anderen zoals hen. Hij versloeg Jarasandha achttien keer, ook al had Jarasandha zovelen aksauhini [Een solide falanx van 21.870 strijdwagens, 21.870 olifanten, 109.650 infanterie en 65.600 cavalerie wordt een aksauhini genoemd.] soldaten – meer soldaten dan in de Mahabharata – en zo werd er een grote last van de aarde verwijderd. Daarna doodde Krsna Kalyavana, via Mucukunda. Sri Krsna is de Allerhoogste Heer en zeer machtig, maar Hij kon de grote demon Jarasandha niet persoonlijk doden (omdat Jarasandha een zegen had ontvangen dat hij niet gedood kon worden door iemand uit de Yadu dynastie). Jarasandha werd daarom door Hem gedood via de handen van Bhima.

“Daarna, in de Mahabharata Veldslag, werden achttien aksauhini-divisies vernietigd, en zoveel last werd verlicht van de Aarde. Daarna versloeg Heer Krsna Rukma, Sisupala en Dantavakra, en Pundarika Vasudeva. Pundarika Vasudeva had twee kunstmatige handen gemaakt, waarmee hij Vasudeva Krsna imiteerde. Hij droeg wat parafernalia bij zich en zei tegen Krsna, “Oh Krsna, bedrieg anderen niet. Ik ben Vasudeva Krsna. Als Je mijn woorden betwist, wees dan klaar om te vechten.” Krsna begon te lachen en zei, “Oh ja, ben jij echt Vasudeva Krsna?” Krsna versloeg hem toen, en ook zijn bondgenoot, de koning van Kasi, die ook een demon was.

“Daarna was Krsna aan het denken, “Toch is onze Yadu dynastie nog steeds aanwezig, en die dynastie van de Yadu’s is erg machtig. Als Ik opstijg naar Goloka Vrndavana, zouden de leden van onze dynastie wel eens vele problemen kunnen veroorzaken – dus ook zij kunnen een last voor de Aarde gaan worden. Hoe zal Ik hen verwijderen?” Hij wekte toen iets op in de harten van de yogi’s en rsi’s zoals Durvasa.

“Ik ben vergeten te vermelden dat Heer Sri Krsna na rasa-lila naar Dvaraka gingen Zijn acht prominente koninginnen huwde, zoals Rukmini en Satyabhama, en Hij trouwde ook met 16.000 andere princessen.

Hij bevrijdde vele koningen uit de gevangenis van Narakasura. Narakasura wou met die princessen trouwen, maar Krsna doodde hem en trouwde met hen, en zij werden allemaal Zijn koninginnen in Dvaraka. Daarna begon Hij na te denken over het gebed dat Hij gehoord had van Brahma en Sankara: “U bent om een bepaalde reden naar deze wereld gekomen, en nu is alles voltooid door U. Wij verzoeken U nu om weer terug te keren naar Goloka Vrndavana. We bidden ook dat U op weg daar naartoe naar Brahma-loka zult komen.” Krsna aanvaardde hun gebed, en dat is waarom Hij Durvasa de inspiratie gaf om die vloek te geven.

“De gebeurtenis die voorafging aan de vloek is als volgt: Sri Krsna’s zoon Samba was erg mooi. De jonge prinsjes van de Yadu dynastie verkleedde Samba als een mooie dame, en stopte lappen stof en dergelijke onder zijn sari om hem zwanger te laten lijken. Samba en de andere prinsjes benaderden toen Narada, Durvasa en andere Rsi’s, en een van hen zei, “Oh, ze is erg verlegen en kan u niet persoonlijk iets vragen. Ze wil weten of het een zoon of een dochter zal worden die uit haar schoot zal komen.”

“Nadat de jongens dit drie keer gevraagd hadden, werd Durvasa boos en zei, “Er zal geen zoon of dochter zijn – het zal een knots zijn, en door die knots zal de gehele Yadu dynastie geruïneerd worden.”

“De prinsjes zeiden uit angst niets over dit voorval tegen Heer Krsna; ze vertelden het aan Ugrasena. Krsna wist echter wat er zich had voorgedaan, en Hij zag dat er vele ongunstige dingen op het punt stonden om plaats te vinden. Hij zag kwade omina zoals bloed dat uit de hemel kwam vallen, hevig waaiende winden, en huilende olifanten en honden.

“Hij zei toen tegen de leiders van de Yadu dynastie, ‘We zien kwade omina. We zouden naar Prabhasa-tirtha moeten gaan om de zondige reacties tegen te gaan.’

“Krsna en Zijn familieleden gingen naar Prabhasa-tirtha en begonnen zoveel dingen te doneren om de brahmana’s te behagen. Hij begon vuuroffers te verrichten, en gedurende het vuuroffer namen de jonge Yadu’s een soort van rijstwijn en raakten beneveld. Ze begonnen allemaal met elkaar te vechten. Toen hun wapens gebroken waren pakten ze scherpe bamboestokken die zo hard waren als bliksemstralen, en ze vochten daarmee en doodden elkaar.

“Waarom gebeurde dit? Krsna wou terugkeren naar Goloka Vrndavana en Hij wilde dat Zijn metgezellen ook terugkeerden naar hun verblijven (planeten). Daarom creeërde Hij een soort goochelshow. Door Zijn yogamaya-vermogen leek het alsof Zijn metgezellen elkaar doodden, maar dat is niet wat er plaatsvond. Degenen die van Goloka Vrndavana, Vaikuntha en de hemelse planeten kwamen, gingen allemaal terug naar hun woonplaatsen. De koninginnen en andere leden van de Yadu dynastie keerden ook terug. Er werd aangenomen dat zij samen met hun echtgenoten gebrand hadden in de sati-riten, maar dat deden ze niet.

“In zijn commentaar heeft Srila Visvanatha Cakravarti Thakura de geschiedenis van een goochelaar en zijn familie beschreven. De goochelaar voerde een goochelshow op voor de koning en zijn metgezellen. De vrouw van de goochelaar beklom een hoog touw, en ze droeg vele kannen met water terwijl ze op het touw danste. De Koningin en Koning werden blij, en ze gaven een heel dure ketting aan die dame. De twee jonge zonen van de dame begonnen toen met elkaar te vechten om die ketting. De moeder liet de ketting bij hen achter, en zij bleven er maar over vechten.

“De jongens waren even sterk. Terwijl ze samen vochten namen ze allebei een zwaard ter hand en hakten elkaars hoofden eraf. De vader riep uit, “Oh, mijn zonen zijn dood!” De vrouw rende onmiddellijk op hen af, vol verdriet, en ze hakte onmiddellijk haar eigen hoofd af. Haar echtgenoot was zo gegriefd dat ook hij zijn eigen hoofd afhakte.

“De Koning en Koningin werden erg ongelukkig. Ze verrichtten de begrafenisriten en keerden terug naar hun paleis. In de ochtend kwam er een brief voor hen aan: “Maharaja, u gaf ons een kado voor het dansen op het touw, maar u gaf geen kado voor ons tweede optreden. Wij zijn niet dood. We zijn op onze belonging aan het wachten. Oh, als u het niet gelooft, kunt u zelf komen zien dat we nog in leven zijn.”

“De Koningin en Koning werden erg gelukkig. Ze gingen naar het huis van de goochelaar met hun metgezellen en met bloemenkettingen. Ze zagen dat de leden van de goochelaarsfamilie hen allemaal opwachtten, klaar om hen te verwelkomen.

“Heer Sri Krsna verrichtte ook Zijn wonderen, want Hij is de goochelaar der goochelaars. Op deze manier nam Hij al Zijn metgezellen mee naar de hemelse planeten, Vaikuntha en Goloka Vrndavana.”

No comments yet.

Leave a Reply