De verschijning van Sri Govardhana in Braja

Giriraja-Govardhana ligt op ongeveer 22 km ten westen van Mathura. Sri Krishna heeft de enorme Girirajji voor zeven dagen op de pink van zijn linker hand gedragen om braja te beschermen, zo heeft hijde trots van de hemelkoning Indra verwoest. Girirajji is neergedaald van Krishna’s trancedentale Goloka Vrndavana Dhama naar Braja op de aarde. Hij is gekomen met afgelegen nikunja’s, grotten, zuivere rivieren en verscheidene mineralen, zoals rode oker, welke benodigd zijn in de dienst van Radha en Krishna. In werkelijkheid is Giriraja-Govardhana niet verschillend van Krishna, toch wordt hij beschouwd als de dienaar van Hari, de beste van alle dienaren van Hari. De gopi’s hebben hem als volgt beschreven

hantayam adrir abala hari-dasa-varyo
yad rama-krishna-carana-sparsa-pramodah
manam tanoti saha-go-ganayos tayor yat
paniya-suyavasa-kandara-kandamulaih

(Srimad-Bhagavatam 10.21.18)

“O mijn vrienden, deze Giriraja is de allerhoogste onder de dienaren van Sri Hari en is verdiept in de allerhoogste gelukzaligheid, altijd aangeraakt door de lotus voeten van Sri Balarama en Sri Krishna. Giriraja dient en stelt Krishna, Balarama, de jonge koeherders en de koeien tevreden door ze te voorzien van water uit de zuivere rivieren, weelderig gras, fruit, wortelen en verscheidene mineralen zoals gairika”

De verschijning van Sri Govardhana in Braja

Volgens de Adi Varaha Purana, brachten de apen en beren in het tijdperk van Ramacandra, grote rotsblokken en stenen vanuit vele plaatsen om een brug te bouwen over de oceaan heen. In opdracht van Ramacandraji, bracht Hanumanji de Govardhana vanuit Uttarancala naar de oceaan. Plots hoorde hij een goddelijke stem die het volgende zei: “De brug in de oceaan is klaar; er zijn daarom geen rotsen meer nodig”

Toen Hanuman dit hoorde werd hij verdrietig en zette Sri Giri-rajaji neer, waar hij nu nog staat. Girirajji was heel ongelukkig en zei tegen Hanumanji: ” Je hebt mij de aanraking van Rama’s lotusvoeten ontnomen. Ik zal je vervloeken” Hanumanji antwoordde:” vergeef me alstublieft. In het aankomende Dvapara-tijdperk zal jouw wens in vervulling gaan. Indertijd zal de Allerhoogste Godspersoon Sri Krishna de verering van de hemelkoning Indra stoppen en jouw aanbidden. Uit woede zal Indra door middel van zijn werpschijf en stortregen proberen braja te vernietigen. Op dat moment zal Sri Krishna jouw in zijn hand vasthouden en jouw wens in vervulling laten gaan”. Na dit te hebben gezegd sprong Hanumanji in de lucht en kwam bij Ramacandraji aan.

Na het hele voorval aan hem verteld te hebben, zei Ramacandraji, “al deze rotsen die bijeengebracht zijn om de brug te bouwen, zijn door de aanraking met mijn lotusvoeten reeds bevrijd. Maar ik zal de wens van de Govardhana vervullen door hem met mijn hand en mijn hele lichaam aan te raken. Aan het eind van het Dvapara-tijdperk zal ik geboorte nemen in de dynastie van de Yadu’s en zal Govardhana beroemd maken als de beste dienaar van Hari door het hoeden van de koeien samen met mijn vrienden op zijn hellingen en door te genieten met mijn geliefde gopi’s in zijn kunja’s”.

De Garga Samhita vertelt het volgende geschiedenis uit een andere tijdperk over de verschijning van de Govardhana in Braja

Eens, tijdens een van zijn trektochten, bereikte Pulastya Rsi de heuvel Dronacala. De zoon van Dronacala, Govardhana, was beeldschoon, geurig, glad en vol met welige, groene bomen en slingerplanten. Pulastya Rsi besloot om deze Govardhana over te brengen naar zijn verblijfplaats Kasi omdat er in Kasi niet zo’n heuvel was, waar hij zijn sadhana-bhajana op een vredige manier kon doen. Hij vroeg Dronacala om zijn zoon voor dit doel aan hem te geven. Dronacala kon niet weigeren vanwege zijn angst om vervloekt te worden. Govardhana ging akkoord om mee te gaan maar op de voorwaarde dat als Pulastya hem op weg naar Kasi ergens neer zou zetten, hij daar zal blijven en niet meer verder zal bewegen. De rsi accepteerde zijn voorwaarde en hield de Govardhana met mystieke krachten op zijn handpalm toen hij doorging naar Kasi.

Toen ze Braja bereikten dacht Govardhan aan Krishna’s toekomstige spel en vermaak en werd zo zwaar dat de rsi hem niet langer kon dragen en hierdoor genoodzaakt was hem hier neer te zetten. Nadat de rsi een bad had genomen, zijn mantra’s had gereciteerd, uitgerust en gegeten had, probeerde hij Giriraja weer op te tillen. Maar Giriraja weigerde om te bewegen, vasthoudend aan zijn voorgaande voorwaarde. De rsi kon Govardhana niet optillen, zelfs niet toen hij al zijn krachten gebruikte. Uiteindelijk, vervloekte hij de Govardhana uit hevige woede. “Je omvang zal dagelijks met een sesam zaadje afnemen” zei hij. Blij accepteerde de Govardhana deze vloek omdat hij wist van de komende neerdaling van de Allerhoogste Godspersoon Sri Krishna. Hij dacht: “Syama-sundara zal verscheidene lila’s op mij volbrengen en hierdoor zal ik gezegend zijn

In feite wordt Giriraja met de dag kleiner, maar wie kan zeggen of dit door de vloek van de rsi komt of door gescheidenheid van Krishna?

No comments yet.

Leave a Reply